6-12 jaar

Bewegingsproblemen bij het basisschoolkind

  • Te veel vallen en vaak ergens tegenaan lopen
  • Niet goed kunnen rennen, springen, klimmen of hinkelen
  • Problemen met het vangen en gooien van een bal
  • Opvallende onhandigheid
  • Houterig bewegen
  • Problemen met leren zwemmen, schrijven of fietsen
  • Problemen met leren schrijven of het handhaven van de zithouding
  • Angst of onzekerheid bij bewegen
  • Hyperventilatie
  • Hoofdpijnklachten
  • Houdingsproblematiek
  • Scoliose
  • Rug-, nek-, knie of voetklachten
  • Zindelijkheidstraining, plas en poepproblemen, overdag en/of ‘s nachts

De invloed van de motorische ontwikkeling op leren rekenen en pesten.

Leren rekenen

De motorische ontwikkeling heeft een belangrijke invloed op de totale ontwikkeling van een kind. Door het bewegen leert het kind zijn lichaam kennen (lichaamsplan) en van daaruit de omgeving (ruimtelijke oriëntatie ). Dit is van belang om te leren rekenen.

Pesten

Als kinderen met elkaar spelen, beoordelen zij elkaar vaak op motorische vaardigheden tijdens verschillende spelsituaties. Kinderen zeggen daarbij vaak wat ze zien: ‘Wat ren je gek’, of‚ ‘doe toch eens beter je best om die bal te vangen’. Of als een kind altijd als laatste wordt gekozen, omdat het niet snel genoeg vangt, gooit of rent, kan er een negatief zelfbeeld ontstaan. Het kind kan daardoor de moed verliezen, minder zelfvertrouwen ontwikkelen en last van faalangst krijgen.

Het optimaliseren van de motorische vaardigheden kan zo een duidelijk effect hebben op de sociaal-emotionele ontwikkeling van een kind. De individuele therapie is vaak net het duwtje dat een kind nodig heeft om de spiraal van het steeds onhandiger worden te doorbreken.